Invoering nieuwe meldingsplicht groep C: carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPE)

 
 
Invoering nieuwe meldingsplicht groep C: carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPE)
CPE vormen een belangrijke dreiging voor de volksgezondheid doordat de behandelmogelijkheden van infecties veroorzaakt door deze zeer resistente bacteriën uitermate beperkt zijn. In Nederland komt CPE nog weinig voor, maar in andere delen van de wereld en in de ons omringende Europese landen komen infecties en dragerschap met CPE steeds meer voor. Hierdoor neemt de kans op introductie in Nederland toe. Het is belangrijk om CPE snel op te sporen en als deze wordt aangetroffen ervoor te zorgen dat verspreiding naar andere mensen wordt voorkomen.

De minister van VWS heeft daarom besloten om CPE meldingsplichtig te maken in categorie C van de Wet publieke gezondheid. Alle personen die voldoen aan de meldingscriteria moeten binnen een werkdag na vaststelling van de verwekker door het hoofd van het laboratorium en de behandelende arts aan de arts (M&G) infectieziektebestrijding van de GGD in zijn/haar werkgebied gemeld worden.

Meldingscriteria CPE 
Een persoon met een voor het eerst vastgestelde kolonisatie (dragerschap) of infectie met een CPE, waarbij de carbapenemaseproductie fenotypisch of genotypisch wordt vastgesteld (conform de vigerende EUCAST- en NVMM-richtlijnen).

OF  

Een herhaalde vaststelling van kolonisatie (dragerschap) of infectie met een CPE bij een persoon:
-       nadat de betreffende persoon tweemaal opeenvolgend negatief is getest voor CPE, waarbij de twee (screenings)kweken zijn afgenomen met minimaal een interval van 24 uur zonder dat in de 48 uur voor afname van de kweken antibiotica werd gebruikt;

OF
-       waarbij meer dan een jaar geen CPE werd vastgesteld (geen kweken uitgevoerd en/of negatieve kweekresultaten). 

Doel meldingsplicht CPE
Door de bestaande surveillance (ISIS-AR en Type-Ned) hebben we een beeld van het vóórkomen van CPE in Nederland. Clusters in zorginstellingen worden gemeld bij het signaleringsoverleg ziekenhuisinfecties en antimicrobiële resistentie (SO-ZI/AMR). Echter, dit geldt niet voor individuele casuïstiek en CPE gevonden buiten zorginstellingen. Met de toenemende extramurale behandeling van patiënten is het belangrijk om ook buiten de traditionele zorginstellingen adequaat te kunnen handelen, een eventuele bron of transmissieroute te vinden en te beoordelen welke maatregelen zinvol zijn om verspreiding te voorkomen.  

Door de meldingsplicht krijgen GGD’en een rol in de bestrijding van CPE, vooral in de openbare gezondheidszorg waar veelal diverse zorgprofessionals bij een casus betrokken zijn. Dit biedt de GGD de mogelijkheid om bron- en contactopsporing te verrichten, zo nodig voorlichting te geven aan zorgverleners en mensen die extra risico lopen bij een besmetting en hygiënemaatregelen te adviseren om verspreiding te voorkomen. De GGD zal dit vanzelfsprekend doen in overleg met betrokken professionals uit de verschillende domeinen, rekening houdend met de verantwoordelijkheid van zorginstellingen.

LCI-richtlijn BRMO
Uitgebreide informatie over CPE, de epidemiologie en te nemen maatregelen worden beschreven in de LCI-richtlijn BRMO, in het bijzonder carbapenemaseproducerende Enterobacteriaceae (CPE). De richtlijn is aangevuld met meldingscriteria voor CPE en informatie over wat te doen bij een melding van CPE.  

Intercollegiaal contact
Heeft u vragen over de meldingsplicht of wilt u een infectieziekte melden, dan kunt u contact opnemen met de arts Infectieziektebestrijding van de GGD Amsterdam: 020 -555 5105. Voor vragen die niet kunnen wachten tot de volgende werkdag: 020-555 5555 (7x5). Vraag naar de arts Infectieziekten.

Voor de huisartsenkring Amsterdam en Noord Holland Midden geldt dat deze informatie bedoeld is voor de huisartsen uit het werkgebied van de GGD Amsterdam, nl de huisartsen uit de gemeentes: 
- Amsterdam
- Amstelveen
- Aalsmeer
- Uithoorn
- Ouder Amstel
- Diemen