Individueel zorgplan in de huisartsenpraktijk: expliciteren van gedeelde besluitvorming

 
Visies op voordelen en nadelen van een individueel zorgplan lopen sterk uiteen. De mogelijkheden en beperkingen van expliciete zorgdoelen en afspraken - overeengekomen met de patiënt - in de dagelijkse huisartsenpraktijk zijn niet zonneklaar. Dit blijkt uit het veldonderzoek dat Marloes van Laarhoven in 2014 op verzoek van de HKA heeft uitgevoerd, vanuit de afdeling Huisartsgeneeskunde en Ouderengeneeskunde van het VUmc.

Heeft een individueel zorgplan voldoende meerwaarde in de dagelijkse huisartsenpraktijk? Hoe gaan we om met tijdrestricties in consulten, ICT-gerelateerde aspecten en een onwilligheid van de betrokken partijen? Dit veldonderzoek brengt echter ook positieve ontwikkelingen aan het licht. Zo zijn de invoering en de verdere ontwikkeling van individuele zorgplannen in volle gang, schuiven de medische opleidingen en de medische consultvoering in toenemende mate naar gedeelde besluitvorming, en lijken patiënten vanuit de tweedelijn soms al te beschikken over een individueel zorgplan. 

Het verdient aanbeveling dat het eerstelijnspraktijkteam zich voorbereidt op het werken met een individueel zorgplan, door een stapsgewijze aanpak over opeenvolgende consulten met expliciete afspraken. Daarnaast verdient het actief promoten van een actievere rol van de patiënt aanbeveling, zodat een mogelijk participatieprobleem opgelost kan worden.

Een uitgebreide samenvatting met aanbevelingen ter overweging is hier beschikbaar. Het volledige verslag kan worden opgevraagd via marloesvanlaarhoven@gmail.com of fj.meijman@vumc.nl.